De Nederlandse economie is in 2025 met 1,9 procent gegroeid ten opzichte van een jaar eerder. Daarmee ligt de groei fors hoger dan in 2024, toen de economie nog met 1,1 procent toenam. Dat blijkt uit nieuwe cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Vooral de overheid en de export leverden een stevige bijdrage aan de groei.
Redactie, TPO, 30 januari 2026 – De belangrijkste motor achter de economische groei was de overheid. De overheidsconsumptie nam in 2025 met 2,6 procent toe, aanzienlijk sterker dan andere bestedingscategorieën. Ook de export droeg positief bij: de uitvoer groeide met 2,6 procent, terwijl de import met 2,5 procent steeg, wat per saldo resulteerde in een licht positief handelssaldo.
Volgens economen is die exportgroei opvallend, gezien de internationale handelsspanningen.
“Best opmerkelijk in een jaar waarin de handelsoorlog van Trump aardig ontbrand is. De groei van de wereldhandel is in het afgelopen jaar versneld en daar hebben wij aardig van mee geprofiteerd,” aldus BNR-econoom Han de Jong.
Consument en investeringen blijven achter
Huishoudens gaven in 2025 wel meer uit, maar hun bijdrage bleef beperkt. De consumptie door huishoudens nam met 1,4 procent toe. Investeringen groeiden slechts met 0,5 procent, wat door De Jong als bescheiden wordt bestempeld.
Vergeleken met andere Europese landen doet Nederland het relatief goed. België groeide in 2025 met ongeveer 1 procent, terwijl de Duitse economie al circa zeven jaar stagneert. Spanje behoort juist tot de landen die momenteel wél stevig groeien.
Lees ook Aantal faillissementen daalt fors: in december 18 procent minder dan jaar eerder.
Sterk slotkwartaal
In het vierde kwartaal van 2025 groeide de economie met 0,5 procent ten opzichte van het derde kwartaal, net als een kwartaal eerder. Die groei werd vooral gedragen door de export en de overheidsuitgaven.
De uitvoer van goederen en diensten nam met 1,3 procent toe, vooral dankzij aardolieproducten, machines en transportmiddelen. De export van diensten kromp daarentegen licht.
De consumptie door huishoudens steeg in het vierde kwartaal met 0,3 procent, terwijl de investeringen licht daalden door minder uitgaven aan onder meer vliegtuigen.
Sectoren
Relatief gezien groeide de toegevoegde waarde het sterkst in de landbouw (2,5 procent), maar in absolute zin kwamen de grootste bijdragen van overheid en zorg, gevolgd door de industrie, met name de machinebouw.
Bron: CBS, BNR