In de Tweede Kamer is irritatie ontstaan over plannen om de nieuwe box 3-wet mogelijk opnieuw aan te passen. Tijdens een debat woensdag uitten meerdere Kamerleden hun ongenoegen over de gang van zaken rond de vermogensbelasting.
Redactie, TPO, 11 maart 2026 – De wet waarover het gaat is onlangs door de Tweede Kamer aangenomen, maar moet nog worden behandeld door de Eerste Kamer. Het nieuwe systeem moet in 2028 ingaan en vervangt het huidige stelsel waarbij belasting wordt geheven op basis van een zogenoemd fictief rendement op spaargeld en beleggingen.
Van fictief naar werkelijk rendement
In het huidige systeem gaat de Belastingdienst uit van een geschat rendement op vermogen. Voor spaargeld wordt bijvoorbeeld gerekend met een lager percentage dan voor beleggingen. Over dat fictieve rendement betalen belastingplichtigen vervolgens 36 procent belasting, boven een vrijgesteld vermogen.
Lees ook: Hoogleraren verdeeld over nieuwe box 3-regels
Vanaf 2028 moet dat veranderen. Dan wordt belasting geheven over het werkelijk behaalde rendement, zoals ontvangen rente of waardestijging van beleggingen. Alleen het rendement boven een bepaalde drempel, 1800 euro voor alleenstaanden en 3600 euro voor koppels, wordt belast.
Vooral beleggers maken zich zorgen over het nieuwe systeem. Omdat ook waardestijging van aandelen wordt meegeteld, kan belasting verschuldigd zijn terwijl de belegging nog niet is verkocht.
Kamer wil aanpassing onderzoeken
De discussie in de Kamer ontstond nadat minister van Financiën Eelco Heinen (VVD) liet weten dat de wet mogelijk nog aangepast moet worden. Tegelijk nam de Kamer een motie aan waarin wordt gevraagd om beleggers toe te staan verliezen uit eerdere jaren te verrekenen bij de belastingaangifte.
Volgens eerdere inschattingen van het ministerie zou zo’n regeling lastig uitvoerbaar zijn en bovendien miljarden euro’s aan belastinginkomsten kunnen kosten.
Lees ook: Klaver kritisch op Heinen om uitspraken over box 3
De aankondiging van mogelijke wijzigingen leidde tot stevige reacties in het debat. Henk Vermeer (BBB) vroeg zich af of het parlement wel serieus wordt genomen, terwijl Luc Stultiens (GroenLinks-PvdA) stelde dat wetgeving op deze manier moeilijk zorgvuldig tot stand komt. Ook binnen de coalitie klinkt kritiek; het CDA liet weten ontevreden te zijn over de gang van zaken.
Bron: ANP