Het kabinet-Jetten hoeft voor zijn begroting niet te kiezen tussen links en rechts, vinden ChristenUnie en 50Plus. Beide partijen spraken woensdag op het ministerie van Algemene Zaken over de plannen voor Prinsjesdag.
50Plus-leider Jan Struijs ziet het meest in “gewoon doorgaan als minderheidskabinet”, waarbij per voorstel een meerderheid wordt gezocht. Dat noemt hij voor zijn partij “het gunstigst”, omdat 50Plus in “het midden” zit en zich niet wil vastleggen. ChristenUnie-leider Mirjam Bikker koos een vergelijkbare lijn: “Kom op jongens, laten we wat gaan doen.”
Pro en JA21 eisen wel een richting
Daarmee staan beide partijen tegenover Pro en JA21, die maandag aanschoven en juist wél een duidelijke keuze verlangen — de een naar links, de ander naar rechts. SGP-leider Chris Stoffer, die woensdag eveneens langskwam, wees op de bestaande samenwerking met JA21.
De rekensom verklaart de druk. De coalitie van D66, VVD en CDA heeft 66 zetels. Met Pro erbij, in juni ontstaan uit de fusie van GroenLinks en PvdA en goed voor 20 zetels, ligt er een comfortabele meerderheid. Met alleen JA21 (9 zetels) komt het kabinet op 75 en dus één stem tekort voor de vereiste 76.
Begroting 2027 moet vrijdag rond zijn
Minister Heinen van Financiën zei dat de concept-Miljoenennota af is en dat vooral de politieke keuzes nog openstaan. De ministerraad wil de stukken volgende week vrijdag vaststellen, zodat ze via de Raad van State op tijd klaar zijn voor Prinsjesdag.
Bikker legde tegelijk een rekening op tafel. Zij verzet zich tegen de zogenoemde vrijheidsbijdrage, waarmee de coalitie extra geld voor defensie wil ophalen: “Haal die niet bij hardwerkend Nederland.” Ook het snel verhogen van het eigen risico en de bezuinigingen op de sociale zekerheid wijst zij af; volgens haar moet eerder gekeken worden waar vermogen en winst zitten.
Opvallend is dat het kabinet inmiddels met vijf oppositiepartijen apart heeft gesproken zonder dat er een deal ligt. Sinds D66, VVD en CDA in januari hun akkoord op hoofdlijnen sloten, moet elke meerderheid opnieuw bij elkaar worden gesprokkeld.
Wat die werkwijze oplevert, blijkt pas op Prinsjesdag. Tot die tijd rekenen vijf partijen mee aan één begroting, en wordt elke steun apart afgerekend.