WarRoom

Waarom Romney een zwakke kandidaat is

08-02-2012 12:15

De Amerikanen organiseren getrapte voorverkiezingen met een specifiek doel: om inwoners in heel het land kennis te laten maken met de kandidaten voor het presidentschap. Helaas voor Mitt Romney pakt dat niet gunstig uit. Hoe meer Amerikanen over hem te weten komen, hoe minder enthousiast ze over hem zijn. Dat lijkt hem vooralsnog niet de Republikeinse nominatie te kosten maar het zal in het Witte Huis voor opluchting hebben gezorgd. De bittere realiteit voor Republikeinen is dat Romney een zwakke presidentskandidaat is.

Opportunisme
Vanwege onveranderlijke aspecten van zijn publieke persona is hij voor veel kiezers onaantrekkelijk. Dat begint al met zijn geloofwaardigheid en zijn neiging te veranderen van mening op principiële zaken. Het bekende voorbeeld is abortus. Toen hij opging voor een zetel in de Senaat in 1994 was hij voor legale abortus, nu is hij tegen. Maar misschien minder bekend: Romney deed mee aan de presidentsverkiezingen in 2008 als het conservatieve alternatief voor John McCain, de positie die Rick Santorum nu in 2012 inneemt ten opzichte van hem. (Daarom won Romney Minnesota in 2008 terwijl Santorum vannacht won.) In combinatie met de talloze andere voorbeelden schetst het een beeld van iemand die alles roept wat nodig is om aan de macht te komen. Of, zoals een adviseur van Obama het verwoordde: “he has no core”. Het stelt hem bloot aan eindeloos veel aanvallen op zijn opportunisme en daadkracht als leider.

Rijke CEO
Dan is er zijn geld. Amerika neemt Romney niet kwalijk dat hij rijk is. Leden van het Congress zijn bijna zonder uitzondering enorm rijk. Het probleem is dat hij de tijdsgeest tegen heeft. De economische crisis heeft een discussie aangewakkerd over de eerlijkheid van hoe schaarse middelen in Amerika worden verdeeld. Op hetzelfde moment profileert Romney zich als een succesvolle – en dus stinkend rijke – zakenman. Ja, het versterkt zijn argument dat hij banen kan creëren als president. Maar behalve een baan willen mensen het gevoel hebben dat ze eerlijk worden behandeld. Doordat hij nu bij mensen bekend staat als die rijke CEO is het moeilijk voor hem om de populistische aanvallen van Obama te pareren. Het is bijzonder lastig voor Romney om Obama’s plan te weerleggen voor een hoger belastingtarief voor miljonairs, zonder over te komen alsof hij louter zijn eigen belang verdedigt. Met de kandidatuur van Romney hebben de Democraten voor het eerst in jaren de kans om succesvol een klassenstrijd te voeren.

Romney moet het dus minder hebben van zijn politieke aantrekkelijkheid en meer van de executie van zijn zorgvuldig uitgekiende strategie. Hij heeft de beste adviseurs en strategen in dienst om hem daarbij te helpen. Maar toch zit er ook op het vlak van de uitvoering een probleem: Romneys neiging om verbaal te blunderen, flink te blunderen zelfs.

Verbale uitglijders
Vorige week zei hij nog: “I’m not concerned about the very poor”. De week ervoor werd hij tot driemaal toe in een paar dagen tijd overrompeld door een vraag over zijn belastingen. En eerder biechtte hij op: “I like being able to fire people.” Zijn ergste blunders klinken erger dan bedoeld en in de context zijn ze minder vernietigend. Toch zijn het blunders. Wie de politiek niet intensief volgt – de meeste gewone Amerikanen dus – krijgt de context niet mee. De kiezers die alleen de soundbite horen, denken Romney te betrappen op het uiten van zijn ware aard. Dat laat hij keer op keer gebeuren. Klagen over de onrechtvaardigheid van het feit dat zijn woorden uit het verband worden gerukt, kan hij ook niet. Hij speelt het spel immers net zo hard mee. Hij kreeg veel kritiek toen hij Obama in een spotje citeerde (“If we keep talking about the economy, we’re going to lose”), zonder erbij te zeggen dat Obama op dat moment niet namens zichzelf sprak maar iemand anders citeerde.

Het resultaat is dat de campagne van Romney vaak wordt afgeleid van de boodschap die het wil overbrengen door de blunders van Romney. Maar zelfs als hij niet blundert, beperkt het de campagne. Om te voorkomen dat hij iets onhandigs zegt, blijft hij heel dicht bij zijn script. Zelfs op momenten dat hij moet kunnen improviseren, blijft hij hangen in de door adviseurs goedgekeurde teksten. Het verklaart waarom Romney in de ongeveer twintig debatten nooit een momentje had, zoals Gingrich er velen had. Door zelden af te wijken van het script, maakte hij minder fouten dan anderen maar wist hij ook niet op een onverwacht moment dankzij verbale behendigheid een tegenstander listig in de hoek te zetten. Wanneer hij het opneemt tegen de verbaal begaafde Obama, zal dit contrast alleen maar uitgesprokener worden.

Een overwinning voor Obama?
Nu wordt er vaak gezegd dat de huidige generatie politici het aflegt tegen een vorige generatie die in onze herinnering veel beter is. Het is daarom goed om in herinnering te roepen dat Ronald Reagan in 1980 werd gezien als een mislukte Hollywood-acteur die geen schijn van kans maakte op het presidentschap. Toch duikt er steeds meer objectieve data op waaruit blijkt dat het gebrek aan enthousiasme voor Romney een reëel probleem is. Twee datapunten springen daarbij in het oog. Ten eerste, de verkiezingen gisteren. Het feit dat hij geen enkele van de drie staten wist te winnen terwijl hij wordt gezien als de onvermijdelijke kandidaat geeft aan dat veel Republikeinen moeite hebben om zich te verenigen achter Romney. Ten tweede, zoals Nate Silver van The New York Times opmerkt, is de opkomst laag als Romney een staat wint. Mensen komen niet naar de stembus om Romney te steunen maar wel om hem tegen te houden. Voor een politicus is dat ongunstig.

Betekent dit alles dat Romney in november verliest van Obama? Dat is een brug te ver. Ook een zwakke kandidaat kan een verkiezing winnen als andere zaken in zijn voordeel werken. Als het economisch herstel in Amerika niet aanhoudt, is de kans op een overwinning van Romney nog steeds zeer wezenlijk. Desalniettemin, met een tegenstander als Romney mag Obama zich gelukkig prijzen.

Foto CC: DonkeyHotey

Victor Vlam is Amerikakenner en voerde in 2008 campagne voor Barack Obama én John McCain.