Leven

De witte jas, een obstakel voor de geneeskundestudent in identiteitscris

14-02-2012 17:29

De universiteit van Amstelveen, de VU, heeft sinds enige jaren een “witte jassen ceremonie”. Dit houdt in dat geneeskundestudenten die beginnen aan hun klinische fase, de coschappen, hun eerste witte jas aangereikt krijgen tijdens een ceremonie. Zelf heb ik mijn eerste witte jas gewoon bij de kledinguitgifte in de kelder van het AMC gehaald, maar verschil moet er zijn. Zo’n ceremonie klinkt als een leuk initiatief. Op de site van het VUMC is te lezen dat de ceremonie is overgewaaid uit de VS. De organisatie hoopt op navolging van andere geneeskunde faculteiten.

Maar zeker nu de VU en UvA naar elkaar lonken, is het tijdig en relevant je af  te vragen of de wittejassenceremonie wel navolging verdient. Aan de universitaire medische centra bedrijven we tegenwoordig immers ‘evidence based medicine‘. Want geloven doe je in de kerk, wetenschap vraagt om bewijs. Dan volgt de logische vraag: is deze ceremonie bevorderlijk voor de educatie van coassistenten? 

Humanistische waarden
Deze ceremonie is als begin van je klinische carrière niet geheel onomstreden. In een Amerikaans artikel] van ene Goldberg wordt de ceremonie opgevoerd als een teken van de afbraak van de identiteit en individuele waarden van de artsen in spe: ”They are tacitly asked to leave behind their lay, humanistic values and embrace a new professional identity”. Dat is duidelijke taal: de wittejassenceremonie als symbolisch afscheid van humanistische waarden en normen en het verruilen van hun persoonlijke identiteit voor een professionele. Dat was toch wat deze ceremonie probeerde te voorkomen? Het doel was juist het belang van menselijkheid te benadrukken. Of toch niet?

Deze verwarring is volgens Goldberg te herleiden tot de verwarring over het begrip professioneel. In enge zin betekent “professioneel”: Lege artis (“volgens de regelen van de kunst”, voor de niet gymnasiasten onder ons). In brede zin betekent het: “behorend bij een professie”. In geen van deze gevallen valt hier de term ethisch of wordt deze geïmpliceerd. Professionaliteit is een objectieve eigenschap, het etiket “ethisch” is normatief. Ze sluiten elkaar niet uit, gaan in onze maatschappij vaak gelijk op, maar zijn niet synoniem. Echter, in het dagelijks spraakgebruik worden ze vaak wel aan elkaar gelijkgesteld en willekeurig door elkaar gebruikt. En deze onduidelijkheid, zo betoogt Goldberg, kan verwarring onder de dokters in spe veroorzaken.

Moreel failliet
Dezelfde verwarring over de begrippen professioneel en ethisch vinden we ook terug bij het moreel appel dat de Britse opleidingscommissie doet op toekomstige artsen. Deze bestaat onder meer uit de oproep niet te stelen, liegen en meer bekende geboden. Dat lijken mij geen specifiek medische vereisten, ik verwacht dit immers ook van mijn niet medisch geschoolde medemens. Dat eerlijkheid geclaimd kan worden als medische competentie geeft volgens mij al het morele failliet van onze samenleving aan, maar dit geheel terzijde. Een balans vinden tussen de professionele- en eigen identiteit is altijd lastig. Of in modern  jargon: de rol van “arts” te combineren met die van “zelf” en “mens”. 

Nu is er binnen de geneeskunde veel “peer pressure”, wat natuurlijk niet uitsluitend positieve gedragsveranderingen stimuleert. Een veel gehoord advies is niet boven het maaiveld uit te steken als geneeskundestudent. Natuurlijk is een witte jas een uniform, en uniformiteit gaat ten koste van individuele kenmerken, maar zolang dit “alleen” uiterlijkheden betreft, is de schade mijn inziens beperkt.

De witte jas als teken van humaniteit is omstreden, als teken van professionaliteit een gegeven. De toegevoegde waarde van de ceremonie is op zijn best onduidelijk. Een ceremoniële verkleedpartij bepaalt waarschijnlijk niet hoe goed je functioneert als arts en zeker niet als mens.

Dit artikel verscheen een eeuw geleden al eens in ‘Emphasis’, het blad voor geneeskundestudenten van de UvA.