Cult

Feuilleton: De Dakloze Lente (5)

25-11-2012 13:01

Daklozen hebben niets te verliezen, zeggen ze. Ze gaan van stad naar stad, pakken de bus, de trein of gaan te voet in kleine etappes naar weet ik veel waar en slepen vaak niet meer dan een boodschappentas met zich mee. Ieder heeft zijn eigen territorium. Ze slapen op hun vaste plek, op de vodden waar overdag katten en straathonden de wacht houden.

De man die ‘s ochtends in de Rue des Irlandais slaapt, bij het gat waar de warme lucht van de metro de stad in wordt geblazen, luncht ‘s middags met de man met de baard in het steegje tussen de Rue Soufflot en het Place de la Sorbonne.
Deze mannen hebben hun slaapplek, hun vrienden en hun inkomsten te verliezen. De daklozen hadden Parijs onderling verdeeld. Ieder had zijn eigen territorium. Bij metrostation Cluny-La-Sorbonne op de Boulevard Saint Michel zat links Barnard met een bewegingloos schoothondje, en rechts Gautier, met een konijn dat steeds wegliep.

De territoriumverdeling hield al jaren stand. In plaats van door uitputting midden op de boulevard neer te zakken, daarom maar de hand ophoudend om genoeg geld te verzamelen om verder te gaan, in plaats van dit chaotisch armoedetheater, namen daklozen deel in een strak geregisseerde onderneming.
De strategie had vooral ten doel de toeristen af te zetten. Op zoek naar koopjes bij Galeries Lafayette, of speurend naar chocolade in Saint-Germain-des-prés, waren toeristen vaak maar voor korte tijd in Parijs, een week, vijf dagen, een weekend. Het was te kort om het fijnmazige netwerk van oplichtende clochards en troepen zigeuners te ontrafelen. Daarom waren toeristen niet achterdochtig, en uiterst vrijgevig.

Is Juliette dakloos voetvolk? Of heeft ze gestudeerd en kan ze daarom als conciliaire voor de dakloze Godfather werken? Vroeg ik me af, terwijl ze haar ijskoude handen over mijn rug liet gaan. Misschien had ze nog geen plek in deze verdeling van de stad en vroeg ze daarom zo brutaal om een vuurtje, geld of een biertje, vastberaden haar plek op te eisen. Was Belleville haar toegewezen door de Algemene Vergadering van Daklozen en mocht ze er daarom pakken wat ze pakken wilde?

“Je steelt zo mijn portemonnee, hè Juliette?” zei ik terwijl haar linkerhand in mijn zij kneep, en haar rechter op mijn buik lag.
Haar duim drukte in mijn navel.
Juliette zei niets, trok beheerst haar arm onder mijn trui vandaan en legde haar hand op mijn portemonnee, kneep erin, slaakte een kreet van genot “Ah, ah”, bewoog haar hand naar mijn kruis, kneep erin en liet een “Ah ja” van opgewonden geilheid.
Terwijl ze haar handen over mijn zij wreef liet ze een bevrijdend kreunen horen door kreetjes die niet verder dan haar keel kwamen. Het was zoals Marijke altijd kreunde, vlak voordat ze klaar kwam.
Vriendschappelijk pakte ze nu mijn arm vast en trok me naar achteren, de heuvel af.

Haar haren geurden naar döner kebab. Ze pakte mijn rug steviger vast en duwde zich tegen me aan. Kwies, kwies klonken haar oksels, die doorweekt van het zweet over zweet over opgedroogd zweet een zware zilte geur mijn neus injoegen. Dezelfde zilte geur kwam van haar wangen, die ze tegen de mijnen aandrukte.

Ze zuchtte diep.

Bij het uitademen hoorde ik hoe er een laag slijm in haar keel lach. Een rochel als die van alle zwervers in Parijs. De rochel klonk als onweer, als de rochel van oude mannen.

Haar zout, haar slijm, het soppen van het zweet , het wond me op.

Vanonder vermoeide oogleden keken twee heldere ogen me aan. In het spierwit van de oogballen lagen twee prachtig helderblauwe irissen, zoals je die alleen bij husky honden of Bengaalse tijgers ziet.

Haar pupillen stonden wijd open.
Ik wist dat ze mijn hele wezen naar binnen zogen om te testen of ik de man was die… de man was die… ja, wat wilde ze eigenlijk?

Haar hoofd hing verwachtingsvol naar achter en haar mond hing half open. Ik zag nog net twee witte voortanden, daaromheen haar volle lippen. Er zat geen lippenstift of glans op. Ze vroegen om gekust te worden.

Het was doodstil om ons heen. De rokers waren met Napoleon en Bob het café weer binnen gegaan. De scène ouverte kon beginnen.

Dit is de vijfde aflevering van De Dakloze Lente, een feuilleton dat iedere woensdag en zondag op DeJaap verschijnt.