D66 Flevoland schrijft open brief aan minister Plasterk

02-04-2013 13:22

Geachte minister Plasterk,

Na er jaren over gepraat, gediscussieerd en gedebatteerd te hebben, lijkt de Randstadprovincie eindelijk werkelijkheid te worden. Op 1 april sloot u de periode van open overleg af, om aan een wetsvoorstel te werken. U heeft de afgelopen maanden in tientallen bijeenkomsten in de provincies Flevoland, Utrecht en Noord-Holland uw standpunt met verve uitgedragen. Als D66’er ben ik positief over het idee van landsdelen. En met name in de Randstad knellen de historische grenzen. Maar ik maak me zorgen over de aanpak die u volgt. Graag geef ik u een aantal zaken ter overweging. 

Herindelingswet

Allereerst heb ik enkele praktische overwegingen. Volgens uw planning beslist de Eerste Kamer in december 2014 of de fusie doorgaat. Tot dat besluit valt, is de fusie van Flevoland, Utrecht en Noord-Holland onzeker. En het besluit valt slechts één maand voordat de politieke partijen hun kandidatenlijsten voor de provinciale verkiezingen bekend moeten maken en drie maanden voor de verkiezingen. Tegelijk met die verkiezingen vindt de daadwerkelijke fusie plaats.

Volgens de herindelingswet heeft het nieuw gekozen provinciebestuur dan twee jaar de tijd om ál het beleid van de huidige provincies te vervangen. Twee jaar lijkt lang, maar is kort voor het werk dat gedaan moet worden. Alle politieke afwegingen die in de laatste jaar of tien door 141 Statenleden zijn gedaan, moeten over worden gedaan door maximaal 55 nieuwe Statenleden. Ook de ambtenaren krijgen slechts twee jaar om al hun werk over te doen. Dat is zelfs met een goede voorbereiding al moeilijk genoeg.

Zorgvuldige fusie

Een goede voorbereiding betekent bijvoorbeeld dat je van te voren weet hoe de drie provincies samengaan tot één organisatie en dat je in beeld hebt welke besluiten er van de nieuwe bestuurders worden gevraagd. De huidige provinciebesturen zien er echter geen brood in om dat al in beeld te brengen, zolang de Eerste en Tweede Kamer nog geen besluit hebben genomen.

Als er langer dan drie maanden zou zitten tussen de behandeling door de Eerste Kamer in december 2014 en de daadwerkelijke fusie, zou het mogelijk zijn de fusie goed voor te bereiden. Hierdoor kan de fusie veel zorgvuldiger verlopen.

Schizofrene situatie

En het lijkt misschien wat banaal, maar ik zie een belangrijke bedreiging voor de kwaliteit van de provinciale democratie in de korte periode tussen het besluit van de Eerste Kamer en de verkiezingen. Het voorbereiden van verkiezingen begint voor alle partijen al een jaar van tevoren. Omdat we begin 2014 niet weten of er verkiezingen zullen komen voor één of voor drie provincies, moeten we met beide mogelijkheden rekening houden: alle partijen maken één lijst en één programma voor de fusieprovincie én drie lijsten en drie programma’s voor de afzonderlijke provincies.

Die drie afzonderlijke programma’s wijken mogelijk af van het gezamenlijke programma: Flevolanders denken bijvoorbeeld anders over een nieuwe verbinding tussen Almere en Amsterdam dan Noord-Hollanders. Ze denken ook verschillend over woningbouw, de vestiging van bedrijven en werkgelegenheid. Wie zich kandidaat stelt voor van één van de huidige provincies én voor die van de fusieprovincie is genoodzaakt zich te verbinden aan twee verschillende programma’s. Een haast schizofrene situatie, die wordt voorkomen als ruim van tevoren bekend is over welke provincie de verkiezingen gaan.

Visienota

Ten slotte zijn er de afgelopen tijd veel argumenten de revue gepasseerd. Van grote, moeilijk tastbare tot kleine, haast triviale argumenten. Veel ervan herhaalt u in uw Visienota Bestuur in samenhang van afgelopen week. Bijvoorbeeld de wens om bestuurlijke grenzen te laten samenvallen met die van regionale identiteit, zodat we komen tot bestuursorganen waar mensen zich in herkennen.

Ik heb, net als u, nog nooit een Tukker om een eigen provincie horen vragen. Of het streven naar een sterke regio in Europa, waarbij u verwijst naar Noordrijn-Westfalen. Dat Bundesland is complexer georganiseerd dan Nederland en geeft dus geen aanleiding voor een provinciefusie. Of het beheer van de Ankeveense plassen, waar u graag gaat schaatsen en die in twee provincies liggen, maar worden die beheerd door één waterschap. Dat waterschap heb ik nog niet horen klagen over de provinciegrens. Overigens ligt uw schaatsroute geheel in de provincie Noord-Holland.

Landsdelen in plaats van provincies

Ik kan de lijst veel langer maken. Van beide kanten zijn de argumenten vooral emotioneel of speculatief, voorzien van anekdotisch bewijs. Dat ergens, ooit een argument geldig bleek te zijn, wil nog niet zeggen dat het in de fusieprovincie ook zo werkt. Uw visienota voegt daar helaas geen overtuigende argumenten aan toe. En uw visienota biedt al helemaal geen helderheid over het doel dat u nastreeft. Dat is om niet aan ‘blauwdrukdenken’ te doen, schrijft u.

Maar er is veel ruimte tussen die door het Rijk verordonneerde blauwdruk en Het Grote Open Einde dat nu uit uw plannen spreekt.  Ik ben vóór landsdelen in plaats van provincies. Maar dat we niet precies weten wat uw plannen zijn voor heel Nederland, helpt ons niet om onze provinciegenoten te overtuigen. Ik wil u vragen om een goed onderbouwde visie op de landsdelen van de toekomst. Eentje met inhoud en overtuigingskracht. Mensen weten graag hoe het Huis van Plasterk eruit ziet, voordat we het Huis van Thorbecke beginnen te verbouwen.

Minister Plasterk, geeft u de provincies alstublieft tijd om de fusie goed voor te bereiden. Kies een datum voor de fusie ná maart 2015. En geef ons alstublieft helderheid over waar u naartoe wilt.

Michiel Rijsberman is fractievoorzitter D66 Flevoland.