Politiek

Longread: Het ontbreekt de politiek aan lef en eerlijkheid

02-10-2013 13:01

Wie nu als toerist naar Amerika reist, kan een bezoek aan de prachtige natuurparken vergeten. Ze zijn gesloten. Wie als Amerikaanse arme afhankelijk is van voedselbonnen, kan voorlopig niet veel eten. Het programma is gestopt. Alle ambtenaren die niet essentieel zijn voor veiligheid en gezondheid zijn naar huis gestuurd. De radicale Republikeinse Tea Party blokkeert in het Amerikaanse congres een besluit over de federale begroting, waardoor automatisch de geldkraan is dichtgedraaid. Zo’n 800.000 ambtenaren, verantwoordelijk voor tal van overheidsdiensten, kunnen voorlopig hun werk niet doen.

Sybrand Buma en Ted Cruz

De Verenigde Staten zijn niet uniek. Nederland is niet uniek. De politieke crisis in ons land woekert in verschillende soorten en maten ook in andere westerse democratieën. Waar Jeroen Dijsselbloem, onze minister van Financiën op dit moment zijn best doet om met de oppositie overeenstemming te krijgen over de begroting voor 2014, laat Amerika zien dat politieke ongelukken in een klein hoekje zitten. Wie had ooit gedacht dat Sybrand Buma zich met zijn harde pleidooi voor belastingverlaging en een kleine overheid als een Tea Party-ideoloog zou gedragen? Buma heeft geen trek in compromissen, zoals Ted Cruz dat ook niet heeft. Daar moeten klassieke bestuurlijke CDA-ers toch van schrikken? Net zoals verantwoordelijke Republikeinen schrikken van en zich geen raad weten met de radicals in eigen gelederen.

De politieke structuren zijn verschillend. In sommige landen, zoals in Duitsland is er een kiesdrempel die de opkomst van nieuwe, radicale partijen afremt. In sommige landen zijn er twee of drie grote politieke partijen waarbinnen de vleugels elkaar op leven en dood bestrijden. Dat gebeurt in de Verenigde Staten. In landen als Nederland, met veel partijen en een open politiek systeem, krijgen nieuwe politici gemakkelijk de mogelijkheid om met een eigen partij of beweging het politieke systeem open te breken. Ondanks al deze verschillen is de overeenkomst dat het politieke midden onder vuur ligt van linkse en/of rechtse populisten en het midden geïnfecteerd raakt met hetzelfde opportunistische populisme dat ze hun uitdagers verwijten. Zie Buma.

Mario Monti en Winston Churchill

Voor commentatoren is de politieke crisis het bewijs dat het systeem kapot is. Politici kijken alleen nog naar de volgende verkiezingen. Daadkrachtig besturen kan niet meer, want de dag na de verkiezingen zijn alle politici al gericht op de volgende verkiezingen. Al het handelen wordt daar op afgestemd. De Belgische publicist David van Reybrouck noemt dat het democratische vermoeidheidssyndroom. Om de destructieve invloed van verkiezingen te verminderen, haalt Van Reybrouck een oud instrument uit de klassieke Grieks-Romeinse geschiedenis tevoorschijn: lotingen. Om fraude en machtswellust te bestrijden moeten bestuurders via loting voor een bepaalde periode worden aangewezen. Dat maakt het moeilijk voor politici of kandidaat-bestuurders om de kiezer om te kopen en via vriendendiensten en specifieke belangenbehartiging de macht in handen te houden. Een minder origineel en vaker gehoord pleidooi is dat voor een zakenkabinet. Weg met de politici, laat echte mannen het land besturen.

In Europa hebben we daarvan een voorbeeld gezien. Mario Monti was de technocraat die twee jaar terug Italië met een zakelijke aanpak zou redden. Zijn bestuurlijke leven was van korte duur. Geen vertrouwen, snel weer weg. Alle democratie-critici hebben gelijk. Politici zijn opportunistisch en doen beloften die ze vaak niet nakomen of niet na kunnen komen. Dat is nooit anders geweest. De spanning tussen doen wat goed is voor het land, gebaseerd op wat de politicus denkt dat goed is voor het land, en tussen doen wat nodig is om opnieuw verkozen te worden, heeft altijd bestaan. De koning-filosoof, de beste man of vrouw die het beste weet wat goed is voor ons allen, de perfecte Mario Monti bestaat niet. Daarom heeft Winston Churchill gelijk. Democratie is het slechtste systeem om het land te besturen, op alle andere systemen na die in de geschiedenis tot catastrofes hebben geleid.

Piet Hein Donner en Ella Vogelaar

Donner VogelaarHet is beter de vraag te stellen wat zit er achter de democratische crisis zit? Kijk eerst eens naar de vleugels links en rechts van het midden. Die beloven de hemel. Of het nu gaat om de oude verzorgingsstaat, de sluiting van grenzen voor migratie, het behoud van de nationale identiteit, steeds valt op dat ze nauwelijks bereid zijn te regeren en noodzakelijke compromissen te sluiten. Ze zijn revolutionair. Met een grote klap moet het land – Nederland, Griekenland, Italië, de Verenigde Staten – gered worden van de ondergang. Het sluiten van compromissen is heulen met de vijand. Het is alles of niets. Dit is angstpolitiek. De populistisch vleugels maken mensen bang voor de toekomst.

De wereld is veranderd en verandert voortdurend. Globalisering, individualisering, migratie en de ontwikkeling van technologie zijn langdurige maatschappelijke trends die sociologen het proces van modernisering noemen. Het zijn trends die veel voordelen hebben, welvaart en vrijheid bieden, maar die ook hun keerzijden hebben waar groepen mensen bevreesd voor zijn. De populisten buiten deze vrees uit door hen het geluk van het verleden te beloven, toen de verzorgingsstaat nog alomvattend was, vreemdelingen een rariteit waren, de nationale identiteit vaststond en iedereen een baan en zekerheid voor het leven had. Het is een verleden dat nooit bestaan heeft, maar de anti-moderne reactie is te begrijpen uit de onzekerheid die de toekomst brengt. Mensen vrezen eerder het mogelijke verlies, dan dat ze de winst van de toekomst zien.

De anti-moderne houding koppelen populisten aan een uiterst moderne manier om het politieke spel te spelen en campagne te voeren. Ze weten hoe de media werken en ze bepalen de agenda. De midden-politici weten daar weinig tegenin te brengen. Soms zijn ze wanhopig en klagen ze de media aan. Piet Hein Donner is daarvan een voorbeeld. Die vond dat de media hun werk niet goed deden en suggereerde zelfs dat de politiek maar moest ingrijpen bij gebrek aan kwaliteit. Ella Vogelaar is een ander voorbeeld. Niets zeggen en weglopen bij de camera. Donner en Vogelaar toonden het onvermogen van de traditionele midden-politici.

Veel vaker wordt de tactiek gebruikt om zelf ook maar populistisch te worden. Buma is het nu, maar de PvdA en de VVD doen daar bij tijd en wijle lustig aan mee, vooral als ze in de oppositie zitten. Dan is alles wat de regeringscoalitie doet een ramp voor het land en beloven ze dat ze daar nooit aan mee zullen doen. Het scherpste voorbeeld vind ik nog altijd de motie van wantrouwen die Mark Rutte als oppositieleider bij de Algemene Beschouwingen van 2009 indiende tegen het kabinet Balkenende. De Buma van nu is de Rutte van 2009.

Mark Rutte en Diederik Samsom

Dat de midden-politici meedoen aan dit populisme heeft twee gevolgen. De eerste is dat de politieke cultuur bedorven raakt. De verwachtingen bij kiezers over wat de politiek kan doen worden steeds hoger, waardoor kiezers zich ook steeds bedrogen voelen als de teveel belovende oppositiepoliticus in de regering toch niet in een handomzwaai de hemel op aarde kan brengen. De cultuur van opgeklopte verwachtingen en daaropvolgende teleurstelling is volgens mij het belangrijkste kenmerk van de huidige politieke crisis. Natuurlijk moeten kiezers niet alles verwachten van politici. Er moeten altijd compromissen gesloten worden. Maar politici beloven veel te veel. En daar doen ze allemaal aan mee.

Het tweede gevolg betreft de individuele politici zelf. Hun reputatie gaat kapot. Ze worden niet meer vertrouwd. Ze beloven veel, maar brengen te weinig. Hun populistische tactiek is uiteindelijk een nederlagenstrategie. Ze kunnen hopen dat kiezers een kort geheugen hebben en zich laten bedotten, maar kiezers zijn niet gek. Die stemmen de volgende keer op een ander. Geen geld naar Griekenland, wel geld naar Griekenland. Voor iedereen duizend euro erbij, duizend euro eraf. Geen massa-immigratie, wel werknemers uit Oost-Europa. Geen JSF, wel een JSF. De reputatie van Mark Rutte en Diederik Samsom smelt nu als sneeuw voor een gloeiendhete zon.

Ruud Lubbers en Geert Wilders

Lubbers WildersHet is altijd interessant om na te denken over politiek vernieuwing, over de wijze waarop kiezers meer betrokken kunnen raken bij de publieke besluitvorming. Vooral voor het democratisch gat van de Europese Unie mogen wel eens wat reparaties uitgewerkt worden. Toch is de crisis volgens mij vooral een crisis van de politieke cultuur. De westerse landen hebben zeer verschillende politieke systemen: twee of meer partijen, vaste of wisselende verkiezingsdata, wel of geen referenda, wel of geen presidentieel stelsel. De overeenkomst is dat ze allemaal kampen met een gebrek aan vertrouwen. Zou het niet zo zijn dat het niet de politieke structuur is, maar dat politici in ons moderne tijdperk een gebrek aan zelfvertrouwen hebben?

Ruud Lubbers is na Willem Drees in de NRC-verkiezing voor beste premiers op de tweede plaats geëindigd. Het CDA is niet mijn partij en Lubbers ook niet perse mijn voorbeeld, maar hij had geen gebrek aan zelfvertrouwen. Lubbers voerde met zijn eerste kabinet begin jaren tachtig een hard saneringsbeleid. De uitkeringen en de ambtenarensalarissen gingen niet op de nullijn, maar werden drie procent gekort. Op weg naar de verkiezingen beloofde hij geen cadeautjes, geen extra duizend euro, maar gebruikte het CDA de slogan: ‘Laat Lubbers zijn karwei afmaken’. Dat is zelfvertrouwen. Dat is een politicus die kiezers niet naar de mond praat, geen valse beloften doet, maar probeert het land een stapje vooruit te helpen. De kiezers gaven het CDA in 1986 een geweldige verkiezingsoverwinning, 54 zetels in de Tweede Kamer.

Moderne politici hanteren een nederlagenstrategie. Hun reputatie is kwetsbaar. Door die afbladderende reputatie is de houdbaarheid van politici tegenwoordig zeer beperkt. Alleen Geert Wilders houdt het al jaren en jaren vol, maar veel politici moeten relatief snel het veld ruimen voor de volgende beloftevolle opvolger. Waarom dan niet een andere strategie gehanteerd, een strategie van lef en eerlijkheid? Niet teveel beloven, maar wel beloven dat je hard zult werken om het land uit de crisis te halen. Niet te hoge verwachtingen wekken, maar wel compromissen sluiten met politieke concurrenten om het land bestuurbaar te houden. Niet kiezers naar de mond praten, maar wel luisteren naar wat hen de grootste zorgen baart. Niet de strategie van Wilders overnemen, maar hem als onheilsprofeet ontmaskeren en kiezers met zelfvertrouwen tegemoet treden. Kiezers dus serieus nemen.

Doe eens normaal, man!

Dat is een houding die moed vergt. Het is ook een houding die je van verantwoordelijke politici mag verwachten, want wie is al dat gedraai en al die verbroken beloften niet hartstikke beu? Tegen al die politici uit het midden die nu de vleugels van het politieke spectrum opzoeken om kiezers te paaien, zou ik dit willen zeggen: doe eens normaal, man. Doe gewoon je werk. Misschien zou dat het vertrouwen in de democratie weer wat kunnen oppeppen.

Bart Snels is publicist en politiek strategisch adviseur. Hij werkte onder andere voor GroenLinks en Alexander Pechtold. Iedere woensdag vindt u hier een longread van zijn hand over de politieke situatie, spin en strategie.