Kunst

Muziekonderwijs van DJ D-Rok

16-05-2014 15:41

Als rasechte Amsterdammer wist ik het vroeger zeker. Ik ging voetballer bij Ajax worden. Net als alle jongetjes bij mij uit de buurt, die het net zo zeker wisten als ik. Over een paar jaar zou de basis van Ajax uit jongens van de Nieuwmarkt-buurt bestaan. 16 jaar later moet ik helaas zeggen dat het niemand van ons gelukt is. Iedereen is op een andere manier op zijn pootjes terecht gekomen, maar de selectie van Ajax heeft nog altijd geen Nieuwmarkter in haar midden.

Voetballen op een veldje gaat volgens een bepaalde traditie. Eerst iemand opsporen die een bal heeft, goaltjes maken van de beschikbare jassen en dan poten. Maar na deze natuurlijke selectie begint pas echt het belangrijkste van voetballen op straat: roepen wie je bent. Zo riep ik altijd dat ik Frank Rijkaard was, maakten de meesten ruzie over wie Jari Litmanen mocht zijn en was degene die als laatste gekozen werd met poten altijd een wisselspeler die net tegen de basis aanzat. Peter van Vossen of John van den Brom dus.

Drake tegen Rick Ross

Dat dingen veranderen of verbasteren lijkt me duidelijk, maar ik had nooit gedacht dat dit ook met straatvoetbal zou gebeuren. Laatst liep ik langs een pleintje en er viel me iets op. De eerste paar stappen waren nog hetzelfde, tot het moment dat het transformeren kon beginnen. Ronaldo speelde niet tegen Messi, maar Rick Ross wel tegen Drake.

Iets dat aan de ene kant te verklaren is, maar zeker niet begrijpelijk. Ten slotte willen alle voetballers rappers zijn, en alle rappers zouden graag in een korte broek over een veld rennen en op een bepaalde manier vertonen de twee beroepen ook enkele overeenkomsten. Zo zijn beide partijen te bewonderen door een publiek, is er een bepaalde status aan verbonden en komt er (in de top) veel geld bij kijken.

Makkelijk

Bovendien is het maken van muziek makkelijker geworden. Iedereen met een computer kan tenslotte iets maken, en als je wat geld te besteden hebt is de aanschaf van het nodige materiaal al helemaal een eitje. Daarom is het ook niet vreemd dat enkele voetballers ondertussen de sprong gewaagd hebben. Royston Drenthe nam een track op met jeugdbegeleider U-niq en Ryan Babel was onder andere te bewonderen in een 101 sessie en met Ali B. Vurnon Anita en leroy Fer stonden te rappen in de sneeuw voorafgaande aan Ajax-Feyenoord en lieten hun swag gezellig samen met Babel hangen.

Ook mindere goden als Mitchell Burgzorg verdienen om in dit rijtje genoemd te worden. Compleet met alter ego (Priester) stond ook hij even als rapper te boek. Inclusief grote auto die niet van hem was maar van Gregory van der Wiel, die overigens geen rapper is, maar wel bijna zijn carrière bij Oranje vergooide door naar een concert van Lil Wayne te gaan nadat hij zich afgemeld had bij de bondscoach. Van der Wiel zou ziek zijn maar postte vol trots een foto van hem en de rapper op Instagram, die snel overgenomen werd door de media.

Doen waar je goed in bent

Overigens is het een veel voorkomend fenomeen bij sporters. Zo lijkt het alsof iedere professionele basketballer een platenmaatschappij heeft en minimaal een album in de winkels heeft liggen. Kwaliteit is echter net zoals bij de voetballers ver te zoeken. De voorbeelden zijn bijna niet te tellen, zo maakte Ron Artest (nu bekend als Metta Worldpeace) een R&B album, spendeerde Allen Iverson veel geld in een mislukte rapcarrière en deed Kobe Bryant een duet met Tyra Banks.

De lijst is echter te lang om in een column te beschrijven, maar een NBA-ster die er sowieso even uitgelicht moet worden is Shaquille O’Neal. Na vier albums en een aantal featurings kreeg hij in 1999 ook wel door dat rappen het niet voor hem zou gaan worden en focuste hij zich weer volledig op waar hij goed in was. En dat is precies de kern van de zaak. Het duurde misschien even bij Shaq, maar hij had het door. Stick to your guns. Muziek is een leuke hobby, maar dat betekent niet dat iedereen er goed in is. Net zoals niet iedereen het in zich heeft om een professionele sporter te worden. Ik kan genieten van een potje voetbal en Ryan Babel van een potje rappen, maar ik ben nog steeds geen Frank Rijkaard en hij geen Rick Ross. Hoe jammer we dat misschien ook vinden.