Column

Ajax, een geschiedenislesje (Joden!)

18-05-2011 09:00

Hartelijk gefeliciteerd hoor Ajax. Proost Amsterdam. Daar ga je! Of eigenlijk: hatelijk gefeliciflapstaart. Want zo jofel vind ik jullie niet. Twente had dat dienblad moeten winnen. En dat hadden ze ook, met jullie budget. Zo waar als de wieg van mijn vader in Westerhaar-Vriezenveensewijk stond en zo waar als Ajax de stennis schoppende, faalhazende beursonderneming is van dat over het paard getilde openluchtmuseum dat jullie Mokum noemen.

Die naam alleen al: “Ajax”. Wat een gotspe. Waarom niet gewoon FC Amsterdam? Oh ik weet wel waarom hoor. Omdat gabbers zoals jullie nu eenmaal graag een beetje tof doen. Even aan iedereen laten weten wat voor bollebozen jullie zijn. Ja, jullie kennen je klassiekers. Louw loene goochemerds. Jullie eren de verkeerde Ajax. Nee, uiteraard kozen jullie niet voor Ajax de Grote, held van de Trojaanse oorlog. Jullie kozen Ajax de Kleine, “omdat hij zo snel kon lopen”. Kiezen voor de kleintjes. God o god, hoe Joods.

Achenebbisj
Jammer dat jullie je niet wat meer in jullie clubmascotte verdiept hebben. Dat achenebbisj Ajaxje van jullie was namelijk vooral een ster in heel hard wegrennen. En als hij niet druk was met smoesjes verzinnen, sleurde die stiekemerd jonge meiden weg van hun werk om zich met zijn gore jatten aan te vergrijpen. Tot ook hij natuurlijk tegen de lamp liep, net als die knettermesjokke Jood Dominique Strauss-Kahn. Pallas Athene, Godin van de Wijsheid, snapte die kleine van jullie met zijn toga op zijn enkels buiten haar tempel, terwijl hij haar meid van dienst Cassandra stond te verkrachten. De Romeinse dichter Vergilius beschrijft wat Athene vervolgens met jullie “held”, jullie gannef deed:

Eigenhandig heeft zij Jupiters verzengende vuur uit de wolken geslingerd, de schepen verstrooid en met windstoten de zeeën opgezweept. De schurk zelf, nog vlammen brakend uit zijn doorboorde borstkas, heeft zij in een windhoos opgetild en hem gespietst op een scherpe rots. (Vergilius, Aeneis I, vv. 42-45, vertaling Guy Debognies)

Mores-penoze
“Schurk”, zegt Vergilius. Dat prachtige logo van jullie stelt het ponem van een lafaard en een verkrachter voor, die eindigde als shish-kebab. Geen verrassing natuurlijk, want nadenken kan niet de sterkste kant zijn van een club die ooit begon als “Footh-Ball Club Ajax”. En tel nou eens de Joodse woorden in dit stukje, Goois mores-penoze, en heb het lef mij nog eens te verbieden jullie Joden te noemen. Welja, ga maar huilie huilie doen bij de smerissen. De mazzel.

Verklarende woordenlijst:

Daar ga je: uit het Jiddisj. Verbastering van le chajiem לחיים, op het leven

Jofel: van jafe יפה, mooi

Stennis: Jiddisj sjtannes, van esjtonot, עשתונות gedachten

Mokum: van makom, מקום plaats

Gotspe: van goetspa, חוצפה, brutaliteit

Bolleboos: Jiddisj baleboesj, balebatim, van baal ha batiem. בעל הבתים heer des huizes

Gabber: van chawwer, חבר vriend

Tof: van tov, טוב goed

Lou loene: van lo lanoe לא לנו (psalm 115:1) niet aan ons

Goochem: van gacham, חכם wijs

Achenebbisj: ach arme, Jiddisch,van nebekh, (Slavisch) ongelukkige

Smoes: Jiddisj sjmuesn, van sjemoeot שמועות geruchten

Stiekem: van sjtieka, שתיקה stilte

Jatten: van jadajiem, ידיים handen

Mesjokke: van mesjoega, משוגע gestoord

Kahn: Jiddisj , ook wel Kahanne, van cohen, כוהן priester

Gannef: van gannav, גנב dief

Ponem: van paniem, פנים gezicht

Kebab: Aramees kabbābā כבבא, Babylonische Talmoed-term voor verbranden, later Korban, קרבן brandoffer

Gooi: van goi, גוי, heiden, “Ik ga in het Gooi wonen”, zegswijze van rijke Mokumse Joden die in de mediene tussen de heidenen gingen wonen.

Mediene: van medina, מדינה, land

Penoze: Jiddisch parnosj, bestaansmiddel, van naschen, (Middel Duits) stiekem eten

Lef: van lev, לב hart.

Smeris: van sjemiera, שמירה, bewaking

Mazzel: van mazal, מזל geluk