Column

Hoe ik in 2009 tegen die Mocro’s had moeten zeggen: ‘Waarom altijd die slachtofferrol?’

05-03-2016 13:42

Omdat ik destijds blogde over het Marokkanenprobleem in de Utrechtse wijk Zuilen, waar ik woonde, leek het de NCRV-televisie-actualiteitenrubriek Netwerk een leuk idee om samen met mij door dat kleine stukje ghetto van Zuilen te wandelen, inclusief cameraman met draaiende camera. In dat stukje ghetto was namelijk een transseksueel de wijk uit geterroriseerd. Auto in de fik, stenen door de ruit, geweld, intimidatie, the whole shebang. De politie deed niets en omdat de burgemeester destijds Aleid Wolfsen van de PvdA was deed men bij de gemeente doorgaans alsof er niets aan de hand was en het allemaal aan de sociale omstandigheden lag. Zuilen was toen ook nog officieel een Vogelaarwijk en werd kapot gemaakt door PvdA-beleid, vandaar.

Die transseksueel was trouwens weggepest vlak nadat in een ander gedeelte van Zuilen twee lesbiennes waren weggetreiterd. De daders waren Marokkaanse jongens (maar in 2009 was het policor ‘de afkomst doet er niet toe’-verzet nog een stuk heftiger dan nu).

Achterstandsbuurt

Het waren niet alleen transseksuelen of homoseksuelen die te lijden hadden onder het Marokkanengeweld. Zuilen werd geplaagd door overvallen, inbraken, straatgeweld, alles wat bij een achterstandsbuurt hoort. De daders waren meestal van Marokkaanse afkomst. Het gedeelte waar ik woonde, tegenover een winkelcentrum, was prima bewoonbaar, maar een paar honderd meter verderop bevond zich het ghetto met uitsluitend, vervallen en verpauperde sociale huurwoningen. Daar waren de problemen het grootst. Het was ook daar dat de transseksueel werd weggepest.

Cameraman

Netwerk kwam met een jonge verslaggever, een geluidsman en een cameraman. De cameraman was trouwens van het type ‘cameraman zoals cameraman hoort te zijn’: groot, kaal, ervaren.

Toen die cameraman zijn camera uit de auto haalde stopte vijftig meter verderop een Volkswagen Golf. Het raampje werd opengedraaid en iemand met een Noord-Afrikaans uiterlijk riep ‘Opkankeren met die kutcamera!’. Vervolgens reed het golfje vol gas weer door. Voor de duidelijkheid: we moesten toen nog beginnen met de reportage.

“Dit belooft wat”, zie ik tegen de kale cameraman. Hij grijnsde. “Ik ben wel wat gewend”, zei hij. Hij vertelde dat hij ook als cameraman in oorlogsgebieden had gewerkt en het werk al een tijdje deed. Precies wat ik verwachtte.

We liepen, met draaiende cameraman, richting het ghetto. We waren tot bij de snackbar geraakt, gerund door een oude Chinees, toen een drietal Marokkaanse jongens ons in de gaten had gekregen. Die snackbar bevond zich op ongeveer honderd meter van mijn woning.

‘Kanker, kanker, kanker, kanker’

Of we wilden oprotten met die kankercamera. Kankerhollanders. Kankertelevisie. Kankerjournalisten. Kanker, kanker, kanker. Ze waren perfect geïntegreerd die Marokkaanse jongens, en scholden keurig netjes in het Nederlands. De verslaggever wilde de jongens vragen of ze misschien wat wilden vertellen. Dat wilden ze duidelijk niet. Ze trokken hun shirt voor hun gezicht. Het schelden ging over in schreeuwen.

Waar ze vandaan kwamen weet ik niet maar ineens waren we omsingeld door boze Marokkaanse jongens. Ik weet eigenlijk alleen nog dat de sfeer ontplofte. Van schelden kwam schreeuwen, daarna werd het fysiek. Mede tegen die kale cameraman die duidelijk ook fysiek wel tegen een stootje kon, en gerust fysiek terug kon worden.

Een van die Marokkaanse jongens werd helemaal hysterisch. Dat is ook vastgelegd op beeld. Ik vroeg me af of die jongen zou doorslaan en of die andere jongens dan ook zouden doorslaan en of er dan nog meer zouden komen en of we dan eigenlijk niet in serieuze problemen waren, in daglicht, in 2009, in Zuilen Utrecht, honderd meter van mijn voordeur verwijderd.

‘Waarom zijn jullie zo boos?’

Ik dacht er aan 112 te bellen. Ik zei, heel suf, en volgens de inmiddels in de karakteristieke Nederlandse allochtone huiliehuilie-slachtofferrol gekropen Haroon Ali (verslaggever van de marxistische rancuneuze moralistenkrant Volkskrant) ‘irritant belerend’: “Waarom zijn jullie zo boos?”, tegen de woeste Marokkaanse jongens. Toen ik het later terugzag vond ik het nog suffer dan ik het op dat moment al vond. Ik was net Karel van der Graaf die tussen twee ruziënde Surinamers in zijn eigen talkshow ‘Hee, hee, heren, heren!’ riep.

112 bellen hoefde niet. Net zo plotseling als die agressieve jongens er waren, was de politie er ineens. Eén auto, twee auto’s. Een motoragent, maar dan eentje op zo’n crossmotor. Ik heb nog altijd geen idee wie de politie heeft gebeld, misschien die ouwe Chinees van de snackbar. Of het buurmeisje dat ik kende via Twitter en boven de snackbar woonde. Ze vertelde later dat ze het allemaal had zien gebeuren en dat ze moest huilen van schrik.

Politie en persvrijheid

De politie bleek erg goed in deëscaleren. Er vielen geen klappen, er werd ook niemand opgepakt. De jeugd verdween gewoon weer. Terug naar hun plek waar ze even daarvoor zo plotseling vandaan waren gekomen. De agent op de crossmotor zei tegen ons: “Jullie kunnen verder die wijk ingaan maar ik kan niet voor jullie veiligheid instaan. Ik kan er bij blijven maar als ik word weggeroepen staan jullie er alleen voor. Ik raad jullie dus aan niet met draaiende camera daar heen te gaan.”

Hij zei dat echt.

Ik zei dat in Nederland persvrijheid geldt en dat je toch op de openbare weg zou moeten kunnen filmen en dat de overheid ons die vrijheid zou moeten garanderen. Daar was hij het mee eens maar hij benadrukte dat hij geen persoonlijk beveiliger was en niet kon garanderen dat de politie er op tijd bij zou zijn als het weer misging.

Nogmaals: dit was in Utrecht, 2009, in de democratische rechtstaat Nederland.

We zijn toen zónder draaiende camera die wijk ingegaan. Die camera hield de cameraman wel gewoon in zijn hand trouwens, maar niet op zijn schouder. Geen idee of de camera alsnog draaide.

Bedreigde buurman

In die wijk spraken we met de buurman van de weggepeste transseksueel. Die wilde niet praten. Later wel, maar niet voor de camera. We zijn toen toch maar met hem gaan praten. Zijn verhaal was zeer ernstig. Ook hij werd getreiterd. Ze hadden brand gesticht in de kliko bij zijn achterdeur. Zijn auto was meerdere malen beschadigd. Hij werd op straat bedreigd. Hij durfde zijn huis niet meer uit. Hij zag lijkbleek en moest twee keer huilen toen hij met ons sprak. Hij zei dat de politie nooit kwam en dat hij al meerdere malen contact had gezocht met de gemeente. Nee, de burgemeester had nog nooit een voet gezet in deze wijk, aldus het slachtoffer.

Toen we weer buiten stonden waren we even stil. De Netwerk-verslaggever zei “dit is dus een reden om journalist te zijn, om hier verslag van te kunnen doen”.

Belfast Zuilen

Dit gebeurde allemaal nadat er een schietpartij plaatsvond vlak bij die ouwe Chinees en zijn snackbar. Er vielen bij wonder geen gewonden.

Het gebeurde voordat er in het winkelcentrum, op klaarlichte dag, zomaar iemand werd neergestoken. Het slachtoffer raakte verlamd. Gelukkig vormde de buurt daarna ‘een cirkel van liefde, dus alles kwam goed. De dader zou, volgens getuigen, eerst een gebed hebben gepreveld.

En het gebeurde ook voordat de Bart Smit in het winkelcentrum gewelddadig werd overvallen en slager Ibrahim, de halalslager tegenover de Bart Smit, gewapend met zijn vleesmessen achter de overvallers aanging.

Het gebeurde voordat er palen met camera’s op de Zuilense straathoeken verschenen. Om te voorkomen dat die palen zouden worden geramd werden er betonblokken voor die palen geplaatst. Een klein stukje van Zuilen zag er toen uit als Belfast op het hoogtepunt van de burgeroorlog.

De leugen regeert

Ik weet niet meer of deze reportage werd gemaakt voor of nadat ik met mijn eigen ogen zag hoe de zonnestudio, recht tegenover mijn flat, werd beroofd: twee Marokkaanse jongens op een scooter stopten, trapten zes keer tegen de glazen deur tot die deur uit het lood hing, verdwenen naar binnen, kwamen terug met een kassalade vol kleingeld en verdwenen weer op de scooter. Het duurde nog geen anderhalve minuut. Het was negen uur ‘s avonds, tientallen mensen keken toe en belden de politie. Die kwam na een kwartier. De straat lag bezaaid met kleingeld.

Netwerk is daarna ook nog wederhoor gaan halen bij burgemeester Wolfsen (PvdA). De burgemeester had aangegeven niet met mij in debat te willen.

Ik geloof dat die verslaggever van Netwerk zich daarna nog heeft moeten verdedigen in het VARA-moralisme- en verantwoordingsprogramma De Leugen Regeert want Marokkanen vonden de uitzending veel te stigmatiserend. Net zoals nu, zeven jaar later, Haroon Ali dat ook nog vind.

Waarom altijd weer die slachtofferrol?

Toen ik, een paar jaar later, vanuit Zuilen verhuisde en wat kartonnen dozen met spullen voor de deur had neergezet, stonden ineens twee vrouwen die volledig waren gehuld in donker gewaad, in mijn dozen te snuffelen. Ik zei ze dat het mijn dozen en mijn spullen waren, geen grof afval ofzo. Ze keken me aan, glimlachten, knikten, zeiden ‘jaja’, en gingen gewoon verder met in mijn dozen graaien. Die dozen heb ik toen maar als eerste in de bestelauto gezet. De bestelauto deed ik telkens op slot als ik nieuwe dozen ging halen.

Mocht het mij weer overkomen dan zou ik niet meer zeggen: “Waarom zijn jullie zo boos?”.
Ik zou zeggen: “Waarom duiken jullie altijd meteen zo in de slachtofferrol als iemand verantwoording komt halen voor de puinhoop die jullie van een woonwijk maken?”

Dat is niet ‘vervelend belerend’. Dat is een terechte vraag die elke dag weer miljoenen mensen willen stellen omdat ze in door al te vaak allochtone wijkbewoners veroorzaakte puinhopen wonen. Het is een vraag die alle journalisten zouden moeten stellen, zeker journalisten van de Volkskrant. Maar helaas, bij de Volkskrant is het stellen van de juiste vraag en het verslag doen van de feiten nog altijd ‘racisme’ en ‘stigmatiserend’ en gaat de subjectieve slachtofferrol van de journalist moralist nog altijd voor de objectieve feiten.

‘Kwaliteitskrant’

Bij de Volkskrant is de Werkgroep Media en Racisme kennelijk nog altijd springlevend. Niet zo heel vreemd voor een krant waar men het ‘tellen van het aantal blanke mannelijke gasten in College Tour‘ een serieus journalistiek onderwerp is.

De leugen regeert bij de ‘kwaliteitskranten’, kortom. Ik ben blij dat ik daar iets tegen kon doen, destijds in 2009. Ik ben blij dat nog altijd te kunnen doen. Met huiliehuilie over beeldvorming zijn de mensen die destijds door Marokkanen werden weggepest uit Zuilen (transgenders, homoseksuelen, gewone buurtbewoners, slachtoffers van overvallen, geweld, schietpartijen, autodiefstal en aanrandingen) in elk geval nog nooit geholpen. En de overlast veroorzakende Marokkanen in kwestie al helemaal niet.

 

 

Naschrift: inmiddels is de situatie in Zuilen enorm verbeterd, voor zover ik weet. Aleid Wolfsen is regent af, de politie is sindsdien veel effectiever gaan optreden, er zijn buurtcoaches die op straat patrouilleren en veel verpauperde sociale woningbouw heeft inmiddels plaatsgemaakt voor nieuwbouw en koopwoningen. Een van de agressieve jongens betuigde vlak na uitzending spijt van zijn gedrag. Hij heeft later nog een uitgebreider interview gegeven aan RTV Utrecht, ditmaal op een beheerste toon. Hierin gaf hij aan dat hij zich als Marokkaanse jongere in Zuilen vooral gestigmatiseerd voelde door de media.

 

Lees ook: Feiten over Marokkanen uitzenden mag niet van Marokkanen