Sublimatie

01-12-2013 12:33

Onlangs bereikte ons de tijding dat de Brabantse gemeente Merchtem (bij Brussel) GAS-boetes (“Gemeentelijke Administratieve Sancties”) wil uitdelen aan al wie de lokale duivensport verstoort. Concreet gaat het vooral over spelende kinderen die door hun tumult de prijsduiven van de til weghouden. Daarmee is de discussie rond overlast op een nieuw, hoger peil gekomen: het gaat om de man-met-de-duif die men liever niet in de buurt van kinderen ziet. De vraag is, wie een gevaar vormt voor wie. Een kleine cultuurwandeling. 

Colombine-Lolita

Niettegenstaande de duif een vredessymbool is, zijn duivenmelkers behoorlijk agressieve lui: katten, andere vogels, roofdieren, ze worden zonder pardon vergiftigd als ze in de weg lopen. In de limiet zou dat ook met kinderen kunnen gebeuren, temeer daar er behoorlijk wat geld rolt in deze sport. In die zin is de Merchtemse maatregel zelfs redelijk: het is beter voor de kinderen dat ze niet oog-in-oog met de duivenmelkers staan, je weet maar nooit.

Plots wordt ons ook duidelijk dat die duif, symbool van onschuld, eigenlijk zelf een gesublimeerde versie is van het kind, als prooi en seksueel object. Pardon, de duivenmelker een crypto-pedofiel? Wel, verder grasduinend in de geschiedenis van cultuur en religie stootte ik op de oerpatrones van alle duivenmelkers, namelijk de godin Ištar die 6000 jaar geleden in het Mesopotanische Babylon (het huidige Irak) werd vereerd. Allerminst een doetje: zij was de godin van seks en oorlog, met de duif als voornaamste attribuut en de tempelprostitutie als voornaamste religieuze praxis. Jawel, de duif, als dierlijke metamorfose van het vrouwelijk geslacht, waarvan het secreet (de “melk”) uit de krop kan worden gekieteld, hebt u ‘m. Offeren aan Ištar, dat was pas dolle pret. In het bijbelboek Openbaring wordt ze dan ook de hoer van Babylon genoemd.

Zoveel liederlijkheid, daar moest iets aan gedaan worden. Via de Griekse en Romeinse cultuur, de gnosis, en vooral het Christendom, werd die frivole duif ontsekst tot het symbool van zuiverheid en onschuld, vrede, het bovenzinnelijke, de ziel, de Geest die neerdaalt. Hallelujah.

Blij luiden nu de klokken op zondagmorgen terwijl de duiven in Merchtem naar beneden vallen. Gelet op de Babylonische voorgeschiedenis echter is dit een seksorgie waarbij het lokken van het beestje een hoofdrol speelt. Maar het ergste moet nog komen: door de Christelijke correctie tot symbool-van-onschuld is er een hybride associatie ontstaan. De duif is nog steeds een kut, maar dan in de verkleinvorm, anders gezegd: het ongerepte meisjesgeslacht, in de handen van een gepensioneerde. Tja, wie had dat gedacht. Lolita, Lulu, Lilith, Colombine, de vrouwelijke onschuld bedreigd: gelukkig is het “maar” een duif en vervalt de letterlijke aanklacht van pedofilie.

België, het thuisland van de colombofilie én van de pedofilie: het kan geen toeval zijn. Maar de duivenmelkers hebben zichzelf stevig in de hand en verkiezen de trofee boven de prooi. Ook voor de Merchtemse maagdjes is het een goede zaak: zo lang die oude mannen met duiven bezig zijn, laten ze datgene gerust waar het symbool eigenlijk voor staat.

Sweetie

Dit gaat dus over sublimatie, in de Freudiaanse betekenis: het omzetten van seksuele drift en agressie in een meer “onschuldige” en maatschappelijk geaccepteerde bezigheid die we onder de verzamelnaam “cultuur” plaatsen.

Mannen willen eigenlijk alleen maar meisjes en jonge vrouwen. Zoveel mogelijk. Maar door hun lelijkheid en biologische onnut moeten ze een omweg nemen via het verwerven van roem, status, geld, macht, onder het motto “macht erotiseert”. Wat alleszins tijdwinst voor de prooi oplevert.

Ondanks (of net door) de hype van het jeugdige, leven we planetair onder een regime van opa’s (gerontocratie): de grote beslissingen op deze aardkluit worden door 55-plussers genomen. Hun brein is in volle verkalking, hun agenda is verborgen seksueel. Het zijn oude wolven die via macht en status de jonge duifjes trachten in te palmen die normaal voor de jonge mannetjes zijn voorbehouden. Af en toe lukt dat ook, maar de sensatiejournalistiek ligt steeds op de loer, Dominique Strauss-Kahn en Silvio Berlusconi kunnen ervan meespreken.

Het blijft dus meestal bij onschuldig gescharrel. Sublimatie is een efficiënt middel om het geweld te milderen: mannen moeten kunnen spelen. In die zin is die duif met reden een vredessymbool. Maar de begeerte blijft natuurlijk, en de aanranding dreigt altijd.

We zitten hier in een gijzelingszaak waar voor het minste kwaad moet gekozen worden, misschien moeten we zelfs spreken van een veralgemeend Stockholm syndroom. Leve de verkiezingen, leve de regering, leve het parlement. Wij houden van de politiek, we laten de politici hun ding doen, om erger te voorkomen. Hun appetijt moet gaande gehouden worden, zonder dat ze schade kunnen aanrichten. Een subtiele onderhandelingskwestie waarin realiteit en virtualiteit op de duur vervagen.

Onlangs verscheen op het internet een filmpje waarop een 10-jarig Filipijns meisje zich uitnodigend tot mannen richt. Wereldwijd verdrongen de pedofielen zich voor het computerscherm, IP-nrs traceren en hop, inrekenen maar. Belangrijk detail: het kind bestond niet echt, het was een animatie. Waarmee we eigenlijk terugkeren naar het duivenmelkersverhaal en de vraag hoe de seksuele straatroof kan herleid worden tot een onschadelijk substituut, een beeld, een symbool. Pedofilie is ongeneeslijk en van alle tijden: als men het fenomeen niet aanvaardt, kan men dus beter iets in de plaats geven. Ik vraag me zelfs af of die pedofielen niet perfect doorhadden dat Sweetie een animatie was, en er dus in slaagden om ook zichzelf om de tuin te leiden.

En wat als we die perverten zo ver krijgen dat ze hun eigen animaties creëren waarbij ze zich naar hartenlust kunnen aftrekken? Wat als dit nu eens kunst werd, een alsof-gedoe? Is seks met een kinderpopje genaamd Sweetie, zoetje, duifje,  strafbaar? Ik dacht het niet. Zou zoiets niet moeten gesubsidieerd worden, in naam van de volksgezondheid?

‘Linkse hobby’s’

De kunstenaar als duivenmelker, de duivenmelker als kunstenaar: de duif landt perfect waar ze moest komen. Al jaar en dag pleit ik voor het afschaffen van cultuur- en kunstsubsidies. Onlangs daarover nog een aanvaring gehad met de redactie van het tijdschrift Rekto-Verso. Maar vanuit een colombofiel standpunt moet ik mijn visie bijstellen. Immers, het gaat hier niet meer om l’art pour l’art maar om een therapeutische noodzaak. Gezien naar schatting 80% van de menselijke soort met een of andere afwijking rond loopt, is schadebeperking het devies. Geef een massamoordenaar-in-spe doek en penseel, of leer hem schrijven, en je hebt respectievelijk een kunstschilder en een romancier in de galerij.

Ooit haalde ik het geval aan van Adolf Hitler, aan wie de Weense academie beter wél een kunstenaarsdiploma had afgeleverd: het had allicht een wereldoorlog gescheeld. Het voorbeeld is sterk voor veralgemening vatbaar. Kim De Gelder (bekend van zijn raid op een kinderdagverblijf) had een prima straatperformer kunnen worden. Ook de (spoorloze) Bende van Nijvel zie ik als een afgedwaald, mislukt kunstenaarscollectief dat de supermarkten teisterde omdat de musea onbereikbaar waren.

Omgekeerd is deze wereld een nog niet zo slechte plek dankzij het Ministerie van Sublimatie en zijn begunstigingspolitiek. Vandaag is een moderne kleiduifschutter als Jan Fabre duidelijk zo’n geval van een herspoorde, bijgewerkte pervert. Hij maakt katten kreupel door ze de lucht in te gooien, wat de dierenvrienden doet steigeren, maar ondertussen stormt hij geen school binnen met een machinegeweer. En als er bloed vloeit bij Fabre, is het meestal ketchup. Iemand als Herman Brusselmans, de Vlaamse seksliterator bij uitstek, beweert dan weer van zijn jongeheer helemaal niet meer recht te krijgen, zo leuk is het schrijven geworden. Dat is toch prachtig? Wie zou nu durven beweren dat kunst geen maatschappelijk nut heeft?

Dus ja aan het subsidiëren en ondersteunen van wat Wilders ooit linkse hobby’s noemde. Het probleem is uiteraard dat we er de boodschap gratis bij krijgen, de ruis is onvermijdelijk Terwijl de duivenmelkers alleen maar met duiven spelen, moet heel dat therapeutisch kunsteninstituut ons zo nodig ook nog eens verblijden met de diepere betekenis en zin die in hun sublimatie-oefeningen schuilgaat. Elke dag weer, overal, in alle kranten, legt de schrijver zich uit of laat zich uitleggen. Dat zouden we nog moeten kunnen indijken. Het kan, bijvoorbeeld met een boekenprogramma op TV waar toch niemand naar kijkt. Ingenieus de waanzin afkopen door haar een vrijplek te geven: als dat geen duivenwijsheid is.

(De auteur is een Vlaams filosoof, columnist en blogger.)